Sta ik op of blijf ik liggen?

Sta ik op of blijf ik liggen?

De paasnacht is een centraal moment in het christelijk jaar. In de vroege kerk werden in deze nacht de nieuwe gelovigen gedoopt. Gedurende de veertigdagentijd bereidden zij zich hierop voor.

Onze viering in de paaswake heeft daardoor een sterk catechetisch karakter, wat aan die oude oorsprong herinnert. De verschillende lezingen vertellen het verhaal vanaf het begin, van schepping en uittocht, van profetische belofte. Wij beperken ons tot een kleine selectie. Zoals we eigenlijk ook de paaswake beperken tot niet veel meer dan een uurtje, terwijl je eigenlijk de hele nacht door zou moeten vieren, totdat de zon opkomt, symbool van het nieuwe leven.

Leren doen we in de kerk op een liturgische manier. Door te lezen, door samen te lezen en te zingen; leren doen we door de verhalen zo te vertellen dat het vandaag, hier en nu, jouw verhaal is.

Waarom is deze nacht anders dan alle andere nachten?, vraagt het jongste kind bij de Joodse sedermaaltijd. En dan wordt het verhaal van Pasen verteld, waarbij je het volgens de traditie zo moet vertellen, alsof het vannacht is dat we uittrekken, uit het doodsland, alsof het hier en nu is, dat wij bevrijd worden van alle knellende banden, onze angsten, onze schuld.

Alleen door het zo te doen, zo mee te bewegen als het ware, vier je Pasen. Het feest van de doorgang. Van de dood naar het leven.
Dat betekent ook, dat je het steeds weer opnieuw viert. Ieder jaar, en eigenlijk iedere zondag - want de kerk komt bij elkaar op de dag van de Opstanding. Iedere zondag is het Pasen. Misschien wel, iedere morgen. Sta je op, of blijf je liggen...

Het is met het geloof zo dat je nooit kunt zeggen: nu weet ik wel, nu ken ik het verhaal. Dat kun je wel zeggen, maar dan is het al zover gekomen, dat het een verhaal van de buitenkant is geworden, dat wij er zelf niet meer in meedoen?

Pasen vieren leer je door het te doen, is iedere keer weer, iedere week je geloof toe-eigenen, je geloof waar maken, het jouw verhaal te maken. Uit mij zelf val ik zomaar weer terug in het oude denken, dat er in de wereld toch nooit iets veranderen zal, dat er altijd geweld en lijden is geweest en dat het ook wel zo zal blijven. Als het van mij afhangt, dan blijf ik liggen. Dan hangt de vlag er vaak halfstok bij: wat kun je er aan veranderen, wat heeft het voor zin je druk te maken. De wereld draait zoals ie draait. Als ik niet meer in het verhaal zit, dan kan ik zomaar gaan denken dat dat dwaze Paasgeloof niet meer is dan een kinderlijke illusie. Achterhaalde denkbeelden in een wetenschappelijk tijdperk.

Er zijn zoveel tegenwerpingen en twijfels en die komen niet alleen van buiten. Ze zijn een deel van mij zelf, sterker, ze zijn een deel van mijn geloof. De Tsjechische priester en theoloog Tomas Halik zegt: "Twijfel is voor mij geen twijfel aan God, maar aan de capaciteit van de mens om het mysterie van God te bevatten en tot uitdrukking te brengen. Geloof en twijfel zijn tweelingzusters. Geloof zonder kritisch denken kan leiden tot fanatisme en fundamentalisme, maar twijfel zonder de moed om aan de twijfel te twijfelen kan leiden tot bitterheid en cynisme."

Heb ik de moed om aan mijn eigen twijfel te twijfelen? Heb ik het geloof om mijn eigen ongeloof te overwinnen? Sta ik op, of blijf ik liggen?

ds. Bert Altena
meditatie voor Leeftocht (april 2025)


 

terug